QuizVerkeersregelsIJsland
Deze interessante quiz helpt je om je kennis op een duidelijke en visuele manier te testen. Met eenvoudige meerkeuzevragen bouw je snel vertrouwen op en leer je nieuwe feiten, op een eenvoudige, interactieve en leuke manier.
151. Wat moet u doen wanneer u een ruiter passeert?
Paarden kunnen schrikken van lawaai of plotselinge bewegingen. Vertraag, passeer voorzichtig en laat voldoende ruimte.
152. Wat moet u doen als het onveilig is om een gestrand voertuig te verlaten?
Als uitstappen u in groter gevaar zou brengen, blijf dan met de gordel om in het voertuig, maak het voertuig zichtbaar, neem contact op met de hulpdiensten en volg hun instructies.
153. Wat doet de stand voor één wisbeweging van de ruitenwisserbediening?
De stand voor één wisbeweging laat de ruitenwissers één keer wissen en stopt daarna. Dit is nuttig wanneer slechts een kleine hoeveelheid water of opspattend vocht van de voorruit moet worden verwijderd.
154. Wat geeft dit dashboardsymbool aan?
Dit symbool geeft aan dat de mistlichten achteraan zijn ingeschakeld. Achterste mistlichten maken het voertuig van achteren beter zichtbaar bij sterk verminderd zicht, maar kunnen andere weggebruikers verblinden wanneer ze onnodig worden gebruikt.
155. Waarom moeten fietsers vermijden in de dode hoek van een groot voertuig te rijden?
Bussen en vrachtwagens hebben grote zones waarin de bestuurder fietsers niet kan zien, vooral naast het voertuig en nabij bochten.
156. Wat moet u doen wanneer u een tunnel nadert?
Gebruik bij het binnenrijden van een tunnel de juiste verlichting, houd voldoende afstand en blijf alert op trager verkeer.
157. Moeten bromfietsers in IJsland doorgaans een helm dragen?
Bromfietsers in IJsland moeten doorgaans een goedgekeurde helm dragen.
158. Wat is de wettelijke alcohollimiet in het bloed voor gewone bestuurders in IJsland?
De wettelijke alcohollimiet in het bloed voor gewone bestuurders in IJsland is 0,5 g/L.
159. Wat moet u doen nadat u met uw voertuig een dier hebt aangereden?
Stop na een aanrijding met een dier indien mogelijk op een veilige plaats en bescherm uzelf en andere weggebruikers tegen verder gevaar. Benader een gewond of angstig dier niet tenzij dit veilig kan. Neem afhankelijk van de situatie en plaatselijke regels contact op met politie, wegbeheerder, dierenhulpdienst of hulpdiensten.
160. Is fietsverlichting 's nachts verplicht in IJsland?
Fietsers in IJsland moeten 's nachts doorgaans fietsverlichting gebruiken.
161. Waarom moet u hard remmen in een bocht vermijden?
Hard remmen in een bocht kan de balans van het voertuig verstoren en de grip verminderen. Vertraag vóór de bocht en stuur soepel.
162. Wat moet u doen nadat u door pech bent gestopt?
Zet het voertuig zo vast dat het niet kan bewegen en gebruik de waarschuwingsknipperlichten om naderend verkeer te waarschuwen. Plaats waar vereist en veilig een gevarendriehoek als extra waarschuwing.
163. Wat geeft dit symbool van een voertuigbediening aan?
Deze bediening verstelt de positie van het stuurwiel. Afhankelijk van het voertuig kan het stuurwiel omhoog of omlaag en naar voren of achteren worden bewogen om een veilige en comfortabele rijpositie te verkrijgen.
164. Wat doet AUTO op een ruitenwisserbediening normaal?
Wanneer AUTO is geselecteerd, kan een regensensor de ruitenwissers automatisch bedienen en hun werking aanpassen aan de hoeveelheid vocht die op de voorruit wordt gedetecteerd.
165. Waarom verhoogt een hogere snelheid het risico op aquaplaning?
Bij hogere snelheden kunnen de banden water mogelijk niet doeltreffend afvoeren, waardoor het voertuig gemakkelijker het contact met de weg verliest.
166. Wat moet u doen als een lading buiten het voertuig uitsteekt?
Een uitstekende lading kan extra gevaar veroorzaken en kan volgens lokale regels specifieke markeringen of uitrusting vereisen.
167. Wat geeft dit dashboardsymbool aan?
Dit symbool geeft de waarschuwingsknipperlichten aan. Wanneer ze zijn ingeschakeld, knipperen alle richtingaanwijzers tegelijk om andere weggebruikers te waarschuwen voor een gevaar of ongewone situatie.
168. U moet altijd een veiligheidsgordel dragen, ook tijdens korte ritten.
Veiligheidsgordels verminderen het risico op ernstig letsel en moeten tijdens elke rit worden gedragen, ook tijdens korte ritten.
169. Wat moet u normaal met het gaspedaal doen wanneer u naar een hogere versnelling schakelt?
Wanneer u naar een hogere versnelling schakelt, vermindert u gas terwijl u de koppeling indrukt en de volgende versnelling selecteert. Laat de koppeling soepel los en geef daarna geleidelijk gas.
170. Wat moet u doen als uw voertuig in brand vliegt?
Breng iedereen ruim weg van het voertuig en bel de hulpdiensten. Als de brand klein is en dit veilig kan, gebruikt u een geschikte brandblusser. De motorkap volledig openen kan extra zuurstof toevoeren en de brand verergeren.
171. Wat moet u doen als een veiligheidsgordel gerafeld of beschadigd is?
Een beschadigde veiligheidsgordel biedt bij een aanrijding mogelijk geen goede bescherming. Gerafelde gordelband, beschadigde sluitingen, defecte oprolmechanismen of andere gebreken moeten professioneel worden geïnspecteerd en hersteld of vervangen voordat u op de gordel vertrouwt.
172. Wat moet u doen wanneer u stilstaand of langzaam verkeer op een autosnelweg nadert?
Files op autosnelwegen kunnen plotseling opduiken. Vroeg remmen geeft achteropkomend verkeer meer tijd om te reageren.
173. Waarom moet u stoel en spiegels correct afstellen voordat u rijdt?
Een correcte rijhouding helpt u pedalen en stuur comfortabel te bedienen en goede controle te behouden. Correct afgestelde spiegels verbeteren uw zicht rond het voertuig en helpen dode hoeken te verkleinen. Stel beide vóór vertrek af.
174. Waarom moet u tijdens een lange rit regelmatig pauzeren?
Regelmatige pauzes tijdens een lange rit helpen vermoeidheid te verminderen en de concentratie te behouden. Wacht niet totdat u moeite hebt om wakker te blijven voordat u stopt om te rusten.
175. Wat moet u doen als u drugs hebt gebruikt die uw rijvaardigheid kunnen beïnvloeden?
Drugs kunnen beoordelingsvermogen, coördinatie, concentratie en reactietijd aantasten. De effecten kunnen onvoorspelbaar zijn en aanhouden nadat u denkt dat de belangrijkste effecten voorbij zijn. Rijd niet wanneer u beïnvloed bent.
176. Wat moet u controleren voordat u met een motorfiets vertrekt?
Voer vóór het rijden een eenvoudige veiligheidscontrole uit. Controleer banden, remmen, verlichting, stuurinrichting en bedieningselementen en inspecteer waar van toepassing de aandrijfketting, riem of andere aandrijfonderdelen. Een probleem vóór vertrek ontdekken kan pech of controleverlies voorkomen.
177. Welke voertuigen zijn bijzonder kwetsbaar voor sterke zijwind?
Hoge voertuigen kunnen door hun grote zijoppervlak opzij worden gedrukt. Ook fietsers en motorrijders kunnen sterk door plotselinge windvlagen worden beïnvloed.
178. Wat moet u doen voordat u na het laden met een elektrisch voertuig wegrijdt?
Koppel vóór het wegrijden de laadkabel correct los en plaats hem terug bij de lader of berg hem veilig in het voertuig op, afhankelijk van de situatie. Sluit de laadpoort en controleer of de omgeving rond het voertuig vrij is.
179. Wat moet u doen wanneer een verkeerslicht rood wordt?
Een rood verkeerslicht betekent dat u vóór de stopstreep, voetgangersoversteekplaats of het kruispunt moet stoppen, tenzij een bord of signaal anders aangeeft.
180. Wat moet u doen voordat u een langzaam rijdend voertuig inhaalt?
Zorg vóór het inhalen dat u voldoende zicht, ruimte en tijd hebt. Geef duidelijk richting aan voordat u naar buiten gaat, overschrijd de snelheidslimiet niet en haal nooit in als de weg vóór u niet vrij is.
181. Is verlichting overdag verplicht in IJsland?
Bestuurders in IJsland moeten overdag doorgaans dagrijlichten of dimlichten gebruiken.
182. U moet uw aandacht op de weg houden en onnodige afleiding vermijden.
Afleiding vermindert uw omgevingsbewustzijn en reactietijd, waardoor rijden gevaarlijker wordt.
183. Welk voertuigtype hoort vooral bij rijbewijs AM?
Rijbewijs AM hoort vooral bij bromfietsen. Categorie AM omvat bromfietsen met een constructiesnelheid van meer dan 25 km/h en maximaal 45 km/h.
184. Wat moet u doen wanneer u bij sterke wind rijdt?
Sterke wind kan de controle over het voertuig beïnvloeden, vooral op open plekken, bruggen en in de buurt van grote voertuigen, fietsers en motorrijders.
185. Waarom moet u voorzichtig zijn wanneer u vóór het rijden meer dan één geneesmiddel gebruikt?
Verschillende geneesmiddelen kunnen op elkaar inwerken of gecombineerde bijwerkingen veroorzaken, zoals slaperigheid, duizeligheid, wazig zien of tragere reacties. Controleer de instructies en vraag advies aan een arts of apotheker als u niet zeker weet of u veilig kunt rijden.
186. Wat moet u doen als het voetgangerslicht rood is?
Een rood voetgangerslicht betekent dat u moet wachten voordat u oversteekt.
187. Waarom moet u op motorrijders controleren voordat u van rijstrook verandert?
Motorrijders zijn kleiner en kunnen in dode hoeken verborgen zijn. Controleer de spiegels, geef richting aan en kijk zorgvuldig voordat u van rijstrook verandert.
188. Wat moet u doen voordat u de weg oversteekt?
Controleer vóór het oversteken altijd in alle richtingen op naderend verkeer.
189. Welk rijbewijs is nodig bij B + aanhangwagen ≤3.500 kg en MTM >4.250 kg?
Categorie BE omvat een trekkend voertuig van categorie B met een aanhangwagen of oplegger met een maximaal toegelaten massa van maximaal 3.500 kg. Categorie B met Code 96 is beperkt tot combinaties met een maximaal toegelaten massa van maximaal 4.250 kg.
190. Wat is het belangrijkste doel van een zitverhoger?
Een zitverhoger verhoogt en positioneert een kind zodat de autogordel correct past. De heupgordel moet laag over de heupen lopen en de schoudergordel over borst en schouder, niet over hals of buik.
191. Betekent rijden aan de snelheidslimiet altijd dat uw snelheid veilig is?
Een snelheidslimiet is de maximaal toegestane snelheid, geen streefsnelheid. U moet mogelijk langzamer rijden door verkeer, slecht zicht, weer, wegomstandigheden, voetgangers, fietsers of andere gevaren.
192. Welke motorfietsen vallen onder rijbewijs A1?
Categorie A1 omvat motorfietsen met een cilinderinhoud van maximaal 125 cm³, een vermogen van maximaal 11 kW en een vermogen-gewichtsverhouding van maximaal 0,1 kW/kg. De categorie omvat ook gemotoriseerde driewielers tot 15 kW.
193. Wat moet u doen als een voertuig nabij u achteruitrijdt?
Achteruitrijdende voertuigen hebben dode hoeken. Blijf uit de buurt van het voertuig en zorg dat de bestuurder u kan zien.
194. Wat moet u doen wanneer u de top van een heuvel nadert?
Een heuveltop kan voertuigen, fietsers, voetgangers of obstakels verbergen. Verminder snelheid en blijf op uw rijstrook.
195. Waarom moet u op bergwegen voorbereid zijn op veranderende omstandigheden?
Mist, regen, sneeuw, ijs, vallende stenen en sterke wind kunnen in berggebieden snel ontstaan.
196. Wat moet u doen als u uw afrit op de autosnelweg mist?
Rijd nooit achteruit en maak geen plotselinge manoeuvre. Rijd veilig verder en wijzig uw route bij de volgende geschikte afrit.
197. Wat moet u doen als u los grind op de weg ziet?
Los grind vermindert de grip en kan het voertuig doen slippen. Vertraag en stuur en rem soepel.
198. Wat kan het selecteren van een lagere versnelling in een handgeschakeld voertuig opleveren?
Het selecteren van een geschikte lagere versnelling kan de motorremming vergroten, waardoor het voertuig kan vertragen of zijn snelheid kan regelen zonder uitsluitend op de remmen te vertrouwen.
199. Wat maakt de ACC-stand van een traditioneel contactslot normaal mogelijk?
De ACC-stand (accessoire) levert normaal stroom aan bepaalde elektrische accessoires, zoals het audiosysteem, zonder de motor te starten. De beschikbare functies kunnen per voertuig verschillen.
200. Het is veilig om tijdens het rijden kort op uw telefoon te kijken.
Uw telefoon gebruiken tijdens het rijden leidt af en is gevaarlijk, zelfs gedurende een zeer kort moment.

Verkeersborden
Verkeersregels
IJsland