QuizVerkeersregelsIndonesië
Deze interessante quiz helpt je om je kennis op een duidelijke en visuele manier te testen. Met eenvoudige meerkeuzevragen bouw je snel vertrouwen op en leer je nieuwe feiten, op een eenvoudige, interactieve en leuke manier.
51. Wat moet u doen als het verkeer voorbij een spoorwegovergang geblokkeerd is?
Rijd een spoorwegovergang nooit op tenzij u de sporen volledig kunt vrijmaken. Als het verkeer verderop geblokkeerd is, wacht dan vóór de overweg zodat u niet op het spoor vast komt te staan.
52. Wat geeft dit dashboardsymbool aan?
Dit symbool geeft aan dat de positielichten, ook wel positie- of parkeerlichten genoemd, zijn ingeschakeld. Ze helpen het voertuig zichtbaar te maken voor andere weggebruikers, maar verlichten de weg vóór het voertuig nauwelijks.
53. Wat moet u doen nadat u hard door een diepe put in de weg bent gereden?
Een harde botsing met een put in de weg kan banden, velgen, stuurinrichting, ophanging of wieluitlijning beschadigen. Controleer banden en wielen wanneer u veilig kunt stoppen en let op ongewone trillingen, trekken of veranderingen in het sturen. Laat het voertuig nakijken als u schade vermoedt.
54. Wat moet u doen bij een spoorwegovergang zonder slagbomen?
Nader spoorwegovergangen voorzichtig, volg eventuele stopverplichtingen en waarschuwingssignalen of slagbomen en steek alleen over wanneer dit veilig is.
55. Waarom moet u vermijden een kruispunt te blokkeren?
Een geblokkeerd kruispunt kan verhinderen dat voertuigen, fietsers of voetgangers zich veilig verplaatsen. Rijd alleen op wanneer er voldoende ruimte is om het kruispunt volledig vrij te maken.
56. Wat moet u controleren voordat u een elektrisch voertuig op een lader aansluit?
Laadconnectoren en laadmogelijkheden kunnen per voertuig en laadstation verschillen. Gebruik compatibele laadapparatuur die geschikt is voor het voertuig en volg de instructies van de voertuig- en laderfabrikant.
57. Hoe moet een fietshelm zitten?
Een helm moet recht op het hoofd zitten en stevig op zijn plaats blijven zodat hij doeltreffende bescherming kan bieden.
58. Wat moet u doen als u een door dieren getrokken voertuig nadert?
Dieren kunnen schrikken van lawaai of plotselinge bewegingen. Verminder snelheid, houd afstand en passeer alleen wanneer dit veilig is.
59. Wat moet u met de parkeerrem doen voordat u een geparkeerd voertuig verlaat?
Trek vóór het verlaten van een geparkeerd voertuig de parkeerrem stevig aan om onbedoelde beweging te helpen voorkomen. Selecteer ook de geschikte versnelling of transmissiestand voor het parkeren.
60. Wat is de functie van de handbediende parkeerrem?
De handbediende parkeerrem helpt het voertuig stil te houden wanneer het geparkeerd is. Ze wordt normaal aangetrokken door de handremhendel omhoog te trekken en vrijgezet voordat u wegrijdt.
61. Wat moet u doen als het verkeer in een tunnel stopt?
Blijf kalm, houd afstand van het voertuig vóór u en volg verkeerslichten, borden of instructies van tunnelpersoneel.
62. Wat moet een motorrijder doen voordat hij een bocht ingaat?
Pas uw snelheid vóór het ingaan van de bocht aan zodat u soepel kunt sturen en een veilige positie kunt behouden. Kijk door de bocht naar waar u heen wilt en wees voorbereid op gevaren die mogelijk uit het zicht liggen.
63. Wat moet u doen wanneer u langzaam rijdende landbouwmachines nadert?
Landbouwmachines kunnen breed en langzaam zijn of onverwacht afslaan. Houd afstand en haal alleen in wanneer u goed zicht en voldoende ruimte hebt.
64. Waarom is oversteken terwijl u naar luide muziek luistert gevaarlijk?
Luide muziek kan uw bewustzijn van voertuigen, fietsen, claxons en andere waarschuwingsgeluiden verminderen.
65. Hoe kan sterke zijwind een voertuig met aanhangwagen beïnvloeden?
Aanhangwagens hebben grote zijoppervlakken en kunnen sterk door wind worden beïnvloed, vooral op bruggen en blootgestelde wegen.
66. Wat moet u doen wanneer u een weg oversteekt zonder aangeduide oversteekplaats in de buurt?
Als er geen aangeduide oversteekplaats in de buurt is, kies dan een veilige plaats waar u naderend verkeer duidelijk kunt zien.
67. Wat moet u doen voordat u een benzine- of dieselvoertuig tankt?
Schakel de motor uit vóór het tanken. Brandstofdampen zijn ontvlambaar, dus vermijd ontstekingsbronnen en volg de veiligheidsinstructies van het tankstation. Als brandstof wordt gemorst, start het voertuig niet voordat de situatie veilig is gemaakt.
68. U mag overal parkeren zolang u de waarschuwingsknipperlichten aanzet.
Waarschuwingsknipperlichten worden gebruikt om andere weggebruikers te waarschuwen voor een gevaar of een onverwacht stilstaand voertuig. Ze maken illegaal of onveilig parkeren niet aanvaardbaar.
69. Welke versnelling wordt normaal gebruikt om vanuit stilstand weg te rijden?
De 1e versnelling wordt normaal gebruikt om vanuit stilstand weg te rijden omdat die bij lage snelheid de grootste trekkracht biedt.
70. Wat moet u met de koppeling doen wanneer u een handgeschakeld voertuig tot stilstand brengt?
Rem bij het stoppen van een handgeschakeld voertuig normaal en druk het koppelingspedaal in voordat het motortoerental te laag wordt en de motor afslaat. Druk de koppeling niet onnodig vroeg in, omdat dit de motorremming vermindert.
71. Wat moet een vooraf aangewezen bestuurder doen?
Een vooraf aangewezen bestuurder moet nuchter blijven zodat hij of zij veilig kan rijden en correct kan reageren op verkeersomstandigheden.
72. Wat doet het draaien van een traditioneel contactslot naar OFF normaal?
Door een traditioneel contactslot naar OFF te draaien, worden de motor en ontstekingssystemen uitgeschakeld. De sleutel kan daarna normaal naar LOCK worden gedraaid en verwijderd.
73. Hoe moet u op een gladde weg remmen?
Plotseling remmen kan ervoor zorgen dat de wielen grip verliezen. Soepel en geleidelijk remmen vermindert het risico op slippen.
74. Welke tekst staat in Indonesië meestal op voorrang-verlenenborden?
Voorrang-verlenenborden in Indonesië gebruiken normaal het omgekeerde driehoekige symbool zonder tekst.
75. Waarom moet een kind een geschikt kinderbeveiligingssysteem gebruiken?
Een geschikt kinderbeveiligingssysteem is ontworpen om een kind te beschermen volgens zijn of haar grootte en ontwikkeling. Het helpt het kind correct te positioneren en vast te houden, waardoor het risico op ernstig letsel bij een aanrijding of plotselinge stop wordt verminderd.
76. Wat moet u doen als dieren zich naast een smalle plattelandsweg verzamelen?
Dieren naast een smalle weg kunnen uw rijlijn oplopen. Vertraag en laat zoveel mogelijk veilige ruimte.
77. Wat moet u doen voordat u een autosnelweg oprijdt?
Observeer het autosnelwegverkeer vroeg, geef duidelijk richting aan en voeg alleen in wanneer er een veilige opening is.
78. Waarom moet u op bergwegen voorbereid zijn op veranderende omstandigheden?
Mist, regen, sneeuw, ijs, vallende stenen en sterke wind kunnen in berggebieden snel ontstaan.
79. Waarom moet u een hond nabij verkeer aan de leiband houden?
Honden kunnen onvoorspelbaar reageren op voertuigen, mensen, geluiden of andere dieren. Een hond kort onder controle aan de leiband houden nabij verkeer vermindert het risico dat hij plotseling de weg op loopt en zichzelf of andere weggebruikers in gevaar brengt.
80. Wat is het belangrijkste doel van een zitverhoger?
Een zitverhoger verhoogt en positioneert een kind zodat de autogordel correct past. De heupgordel moet laag over de heupen lopen en de schoudergordel over borst en schouder, niet over hals of buik.
81. U moet beide handen gereed houden om het stuur te bedienen.
Een goede controle over het stuur helpt u veilig te reageren op veranderingen in verkeer en wegomstandigheden.
82. Wat moet u doen als het vizier van uw motorhelm begint te beslaan?
Een beslagen vizier kan uw zicht op de weg ernstig verminderen. Verminder uw snelheid en gebruik waar beschikbaar de ventilatie-, ontwasemings- of anticondensfuncties van de helm. Kunt u veilig geen helder zicht herstellen, stop dan op een veilige plaats voordat u verderrijdt.
83. Wanneer moet u uw veiligheidsgordel vastmaken?
Maak uw veiligheidsgordel vast voordat het voertuig begint te rijden en houd hem tijdens de hele rit vast. Zorg dat uw passagiers ook veilig zitten en correct zijn vastgegespt.
84. Hoe moet u uw voertuig naast een brandstofpomp positioneren?
Plaats het voertuig zo dat de brandstofvulopening dicht bij de pomp staat en de slang kan reiken zonder strak over of rond het voertuig te worden gespannen. Stop binnen de aangeduide tankzone en laat voldoende ruimte om de pomp veilig te gebruiken.
85. Waarom moet losse kleding tijdens het motorrijden worden vermeden?
Losse kleding, riemen of sjaals kunnen wapperen in de wind of in bewegende onderdelen terechtkomen, zoals de ketting of het wiel. Motorkleding moet goed aansluiten en geen losse delen hebben die veilig rijden kunnen hinderen.
86. Wat is het aangrijpingspunt van de koppeling?
Het aangrijpingspunt van de koppeling wordt bereikt wanneer het koppelingspedaal wordt losgelaten en de koppeling vermogen van de motor naar de transmissie begint over te brengen. Goede controle van dit punt helpt om soepel weg te rijden.
87. Wat moet u doen als uw voertuig in een verkeerstunnel pech krijgt?
Stop indien mogelijk in een pechhaven of op een andere veilige plaats en gebruik de waarschuwingsknipperlichten. Neem contact op met de tunnelcentrale via een noodtelefoon of ander beschikbaar hulpsysteem en volg de borden en instructies in de tunnel.
88. Zijn fietshelmen in Indonesië doorgaans verplicht?
Fietshelmen zijn in Indonesië doorgaans niet verplicht voor alle fietsers, hoewel specifieke leeftijds- of regionale regels kunnen gelden.
89. Wat geeft dit symbool van een voertuigbediening aan?
Deze bediening selecteert een rijmodus. Afhankelijk van het voertuig kunnen verschillende modi eigenschappen wijzigen zoals gaspedaalrespons, stuurhulp, transmissiegedrag of energieverbruik.
90. Welke factoren kunnen de stopafstand van een voertuig vergroten?
De stopafstand kan toenemen door hogere snelheid, tragere reacties van de bestuurder, verminderde bandengrip, slechte weers- of wegomstandigheden, versleten banden, zwakke remmen of een zwaarder voertuig. Zowel reactieafstand als remafstand kan worden beïnvloed.
91. Waarom moet een daklading stevig worden bevestigd?
Een daklading wordt blootgesteld aan sterke luchtstromen en bewegingen. Ze moet correct worden vastgezet en binnen de toegestane limieten blijven.
92. Wat geeft dit symbool van een voertuigbediening aan?
Met deze bediening kan bij voertuigen die hiermee zijn uitgerust de airbag van de voorpassagier worden uitgeschakeld. De airbag moet worden uitgeschakeld wanneer een achterwaarts gericht kinderbeveiligingssysteem op de voorpassagiersstoel wordt gebruikt.
93. Wat is de veiligste manier om met een kind de weg over te steken?
Kinderen kunnen zich nabij verkeer onvoorspelbaar gedragen. Houd hen dicht bij u en begeleid hen veilig over de weg.
94. Wat geeft dit symbool van een voertuigbediening aan?
Deze bediening kiest de richting van de ventilatieluchtstroom, bijvoorbeeld naar het gezicht, de voeten of de voorruit.
95. Waarom moet u letten op de plaats van nooduitgangen in een tunnel?
Weten waar nooduitgangen en vluchtruimtes zich bevinden kan kostbare tijd besparen tijdens brand, een aanrijding of evacuatie.
96. Wat regelt de intervalbediening van de ruitenwissers?
De intervalregeling van de ruitenwissers bepaalt de tijd tussen wisbewegingen van de voorruit, zodat de bestuurder de wisfrequentie kan aanpassen aan lichte regen of opspattend water.
97. Waarom moet u niet inhalen nabij de top van een heuvel?
Nabij de top van een heuvel is uw zicht vooruit beperkt. Tegemoetkomende voertuigen, fietsers, voetgangers of obstakels kunnen verborgen zijn.
98. Waarom moet het ruitensproeierreservoir geschikte sproeiervloeistof bevatten?
Een heldere voorruit is essentieel voor veilige waarneming. Geschikte sproeiervloeistof helpt het glas te reinigen en kan bij koud weer bescherming tegen bevriezing bieden.
99. Wie moet altijd een veiligheidsgordel dragen?
Veiligheidsgordels verminderen het risico op ernstig letsel bij een ongeval aanzienlijk en moeten door iedereen in het voertuig worden gedragen.
100. Wat moet u doen wanneer u op een smalle bergweg een ander voertuig tegenkomt?
Smalle bergwegen bieden mogelijk onvoldoende ruimte voor twee voertuigen. Verminder snelheid en werk samen om veilig te passeren.

Verkeersborden
Verkeersregels
Indonesië