VerkeersbordenArgentinië
51. Trekker met oplegger
Een trekker met oplegger is een combinatie van een trekker en een oplegger die hoofdzakelijk wordt gebruikt voor goederenvervoer. De oplegger is zo aan de trekker gekoppeld dat een aanzienlijk deel van zijn gewicht door de trekker wordt gedragen en niet volledig door de eigen wielen.
Trekker-opleggercombinaties worden veel gebruikt voor langeafstandsgoederenvervoer en kunnen containers, gekoelde goederen, vloeistoffen, bulkgoederen of andere lading vervoeren. Er kunnen bijzondere regels gelden voor rijbewijzen, maximale afmetingen en massa's, snelheidslimieten, rijstrookgebruik, inhalen, belading en rij- en rusttijden.
52. Trolleybus
Een trolleybus is een elektrisch aangedreven bus die normaal energie ontvangt van bovenleidingen via stroomafnemers op het voertuig. Anders dan een tram rijdt een trolleybus op gewone rubberbanden en wordt hij door de bestuurder gestuurd in plaats van door rails geleid.
Trolleybussen worden doorgaans gebruikt voor openbaar personenvervoer en kunnen busstroken, haltes en andere openbaarvervoersinfrastructuur gebruiken. Sommige moderne trolleybussen hebben ook batterijen of hulpaandrijvingen waarmee ze korte afstanden zonder aansluiting op de bovenleiding kunnen rijden.
53. Speedpedelec
Een speedpedelec is een snelle elektrisch ondersteunde fiets waarvan de motor trapondersteuning boven de normale grens voor elektrische fietsen kan blijven leveren, doorgaans tot ongeveer 45 km/h. Het voertuig heeft pedalen en is hoofdzakelijk ontworpen om de bestuurder tijdens het trappen te ondersteunen.
Door de hogere snelheid kan een speedpedelec juridisch anders worden behandeld dan een gewone fiets of elektrische fiets. Afhankelijk van het land kunnen bijzondere regels gelden voor minimumleeftijd, rijbewijs, helm, registratie, verzekering, gebruik van fietspaden en toegestane wegen.
54. Bezorgvoertuig
Een bezorgvoertuig is een voertuig dat wordt gebruikt om goederen, pakketten, benodigdheden of andere zaken naar woningen, bedrijven of andere bestemmingen te vervoeren en af te leveren. Bezorgvoertuigen kunnen bestelwagens, vrachtwagens, auto's, motorfietsen, bakfietsen en andere voertuigen omvatten, afhankelijk van het soort en de hoeveelheid goederen.
Bezorgvoertuigen moeten de gewone verkeersregels voor hun voertuigcategorie volgen, evenals eventuele specifieke regels voor laden en lossen, gebieden met beperkte toegang, parkeren, voertuigafmetingen en lage-emissiezones. Toestemming om te leveren geeft niet automatisch het recht om overal te stoppen of parkeren.
55. Stationair draaien
Stationair draaien betekent dat de motor van een voertuig blijft draaien terwijl het voertuig stilstaat en de motor niet wordt gebruikt om het voertuig te verplaatsen. Dit kan gebeuren tijdens wachten, parkeren, laden of lossen of vóór het begin van een rit.
Onnodig stationair draaien verbruikt brandstof en veroorzaakt uitlaatgassen, luchtverontreiniging en geluid. Veel landen of lokale overheden beperken langdurig of onnodig stationair draaien, al kunnen uitzonderingen gelden wanneer de motor nodig is voor veiligheid, technische apparatuur of een ander noodzakelijk doel.
56. Takelwagen
Een takelwagen is een gespecialiseerd voertuig dat wordt gebruikt om voertuigen die pech hebben, beschadigd zijn, verkeerd geparkeerd staan of anderszins niet normaal verder kunnen rijden te bergen, slepen, optillen of vervoeren. Takelwagens kunnen hijsapparatuur, een lier, wielhefsystemen of een laadplatform gebruiken.
Omdat voertuigberging naast rijdend verkeer kan plaatsvinden, gebruiken takelwagens tijdens werkzaamheden vaak waarschuwingslichten en andere veiligheidsuitrusting. Bestuurders die een bergingsactie naderen moeten zo nodig vertragen, voldoende ruimte laten en tijdelijke verkeersregeling of aanwijzingen van bevoegd personeel volgen.
57. Vierwielaandrijving
Vierwielaandrijving, vaak afgekort als 4WD of 4x4, is een aandrijfsysteem dat vermogen naar alle vier de wielen van een voertuig kan sturen. Dit kan extra tractie bieden op ondergronden zoals sneeuw, modder, grind, zand of oneffen terrein.
Vierwielaandrijvingssystemen kunnen permanent actief zijn of automatisch of handmatig worden ingeschakeld wanneer extra tractie nodig is. Vierwielaandrijving kan het vermogen verbeteren om op gladde of moeilijke ondergronden te rijden, maar neemt de noodzaak van geschikte banden, veilige snelheid en voorzichtig remmen en sturen niet weg.
58. Fiets
Een fiets is een voertuig met twee of meer wielen dat hoofdzakelijk door de bestuurder wordt aangedreven met pedalen of handaandrijving. Fietsen worden gebruikt voor vervoer, recreatie, sport en het vervoeren van kleine ladingen of passagiers wanneer ze daarvoor geschikt zijn uitgerust.
Sommige fietsen hebben een elektrische motor die de bestuurder tijdens het trappen ondersteunt. Of een elektrisch ondersteunde fiets juridisch als fiets blijft gelden hangt af van het motorvermogen, de ondersteuningssnelheid en lokale regels. Fietsers moeten de verkeersregels, borden, signalen en weggebruikseisen volgen die op fietsen van toepassing zijn.
59. Motorfietsuitrusting
Motorfietsuitrusting omvat de beschermende uitrusting van bestuurder en passagier en de veiligheidsuitrusting van de motorfiets zelf. Beschermende uitrusting omvat vaak een helm, beschermende kleding, handschoenen, laarzen en oogbescherming, terwijl de motorfiets volgens de lokale wetgeving onder meer verlichting, remmen, spiegels, banden en richtingaanwijzers nodig heeft.
Welke uitrusting wettelijk verplicht is verschilt per land en motorfietscategorie. Bestuurders moeten ervoor zorgen dat zowel hun beschermende uitrusting als de motorfiets geschikt, correct gebruikt en in veilige staat zijn vóór vertrek.
60. Spoor
Een spoor is een paar rails dat wordt gebruikt om trams, treinen of andere railvoertuigen te geleiden. Sporen kunnen naast een weg lopen, de weg kruisen of rechtstreeks in de rijbaan zijn opgenomen zodat railvoertuigen en andere weggebruikers hetzelfde gebied gebruiken.
Weggebruikers moeten extra voorzichtig zijn rond sporen omdat railvoertuigen niet om obstakels kunnen sturen en veel afstand nodig hebben om te stoppen. Bestuurders, fietsers en voetgangers moeten de toepasselijke voorrangsregels, verkeerslichten, waarschuwingsborden en oversteekregels volgen en mogen de sporen niet onnodig blokkeren.
61. Caravan
Een caravan is een aanhangwagen die is ontworpen om tijdens reizen of kamperen tijdelijk woonruimte te bieden. Ze bevat doorgaans slaapruimte en kan ook kook-, zit-, opslag-, was- of toiletvoorzieningen hebben.
Bij het trekken van een caravan moeten bestuurders ervoor zorgen dat deze correct is aangekoppeld, veilig is beladen en binnen de toegestane trek- en gewichtslimieten blijft. Een caravan verandert de lengte, het gewicht, het rijgedrag en de stopafstand van de voertuigcombinatie.
62. Aanhangwagen
Een aanhangwagen is een voertuig dat is ontworpen om door een ander voertuig te worden getrokken in plaats van zichzelf aan te drijven. Aanhangwagens worden gebruikt voor goederen, materieel, boten, caravans of andere ladingen en kunnen sterk verschillen in grootte en gewicht.
Bestuurders die een aanhangwagen trekken moeten ervoor zorgen dat deze correct is aangekoppeld, juist is beladen en geschikt is voor het trekkende voertuig. De aanhangwagen kan de lengte, het gewicht, de stopafstand en de benodigde draaicirkel van de combinatie vergroten.
63. Trekhaak
Een trekhaak, ook aanhangerkoppeling of trekvoorziening genoemd, is een voorziening op een voertuig waarmee een aanhangwagen, caravan of ander getrokken voertuig veilig kan worden aangekoppeld. Personenauto's gebruiken vaak een trekbal, terwijl zwaardere voertuigen andere mechanische koppelingen kunnen gebruiken.
De trekhaak en het trekkende voertuig moeten geschikt zijn voor de aanhangwagen en de betrokken belastingen. Bestuurders moeten het toegestane trekgewicht, de koppellimieten, de massa van de aanhangwagen en eventuele rijbewijs-, rem- en veiligheidsvereisten naleven.
64. Brandweerwagen
Een brandweerwagen is een hulpverleningsvoertuig van de brandweer- en reddingsdiensten dat brandweerlieden, blusmateriaal, reddingsuitrusting of water naar branden, ongevallen en andere noodsituaties vervoert. Verschillende typen brandweerwagens kunnen zijn ontworpen voor bluswerk, reddingsoperaties, werken op hoogte of andere gespecialiseerde taken.
Tijdens een spoedrit kan een brandweerwagen waarschuwingslichten en een sirene gebruiken en voorrang of uitzonderingen op bepaalde verkeersregels krijgen. Andere weggebruikers moeten de lokale regels voor hulpverleningsvoertuigen volgen, voldoende ruimte maken en de doorgang niet hinderen.
65. Sirene
Een sirene is een luid waarschuwingsmiddel dat aandacht trekt en mensen waarschuwt dat een hulpverlenings- of voorrangsvoertuig nadert. Sirenes zijn vaak gemonteerd op ambulances, brandweerwagens en politievoertuigen en kunnen afwisselende of veranderende tonen produceren zodat ze snel herkenbaar zijn.
Wanneer een hulpverleningsvoertuig met sirene nadert, moeten weggebruikers alert blijven, bepalen vanwaar het voertuig komt en veilig ruimte maken zodat het kan passeren. De precieze voorrangsregels en het toegestane gebruik van sirenes verschillen per land.
66. Konvooi
Een konvooi is een groep voertuigen die georganiseerd samen rijdt, meestal via dezelfde route en naar dezelfde bestemming. Konvooien kunnen bestaan uit gewone voertuigen, militaire voertuigen, uitzonderlijke transporten of voertuigen die deelnemen aan een georganiseerde rit.
Bestuurders in een konvooi moeten voldoende afstand houden, de toepasselijke verkeersregels volgen en ander verkeer niet hinderen. Deel uitmaken van een konvooi geeft voertuigen niet automatisch bijzondere voorrang, tenzij specifieke wetten, begeleidingen of verkeersmaatregelen gelden.
67. Waarschuwingslichten van hulpdiensten
Waarschuwingslichten van hulpdiensten zijn speciale knipperende of roterende lichten op bevoegde hulpverlenings- of voorrangsvoertuigen die deze zeer zichtbaar maken en andere weggebruikers waarschuwen. Politievoertuigen, ambulances, brandweerwagens en andere bevoegde voertuigen gebruiken vaak opvallende waarschuwingslichten bij een inzet.
De kleur, betekenis en toegestane toepassing van waarschuwingslichten verschillen per land. Wanneer zulke verlichting actief is moeten weggebruikers alert blijven, het naderende voertuig lokaliseren en de lokale regels volgen voor voorrang verlenen of vrije doorgang creëren.
68. Landbouwmachines
Landbouwmachines omvatten voertuigen, machines en uitrusting die zijn ontworpen voor landbouw en agrarische werkzaamheden, zoals grondbewerking, zaaien, oogsten, maaien, gewassen vervoeren of landbouwgereedschap aandrijven. Voorbeelden zijn tractoren, maaidorsers, zelfrijdende sproeimachines, maaimachines en andere gespecialiseerde werktuigen.
Landbouwmachines kunnen vooral voor gebruik op velden zijn ontworpen, maar moeten soms ook over de openbare weg rijden. Bij gebruik op de openbare weg hangen de toepasselijke registratie-, rijbewijs-, verlichtings-, afmetings-, snelheids- en toegangsregels af van het type en de juridische classificatie van de machine.
69. Elektrische fiets
Een elektrische fiets, of e-bike, is een fiets met een elektrische motor die de bestuurder tijdens het rijden ondersteunt. De meeste elektrische fietsen gebruiken trapondersteuning, waarbij de motor extra vermogen levert terwijl de bestuurder trapt.
De juridische classificatie van een elektrische fiets hangt af van factoren zoals motorvermogen, maximale ondersteuningssnelheid en of de motor de fiets zonder trappen kan aandrijven. Snellere of krachtigere elektrische fietsen kunnen als bromfiets of ander motorvoertuig worden geclassificeerd en daardoor onder andere rijbewijs-, helm-, registratie- en verzekeringsregels vallen.
70. Elektrisch voertuig
Een elektrisch voertuig, of EV, is een voertuig dat voor de aandrijving één of meer elektromotoren gebruikt en elektrische energie opslaat in een oplaadbare batterij of ander elektrisch energieopslagsysteem. Een volledig elektrisch voertuig gebruikt uitsluitend elektrische energie voor de aandrijving, terwijl een plug-inhybride een elektrische aandrijflijn combineert met een andere energiebron, zoals een verbrandingsmotor.
Elektrische voertuigen kunnen via een externe elektriciteitsbron worden opgeladen met een geschikt laadpunt of laadstation. De rijbewijs-, registratie-, verzekerings-, parkeer- en toegangsregels hangen af van de voertuigcategorie en lokale voorschriften en niet alleen van het feit dat het voertuig elektrisch wordt aangedreven.
71. Pedelec
Een pedelec, afkorting van pedal electric cycle, is een fiets met een elektrische motor die ondersteuning geeft terwijl de bestuurder trapt. De motor vult de inspanning van de bestuurder aan in plaats van het trappen volledig te vervangen.
Het maximaal toegestane motorvermogen en de ondersteuningssnelheid van een pedelec hangen af van de lokale wetgeving. Wanneer de fiets binnen de geldende grenzen blijft, wordt hij normaal als fiets en niet als bromfiets of motorfiets behandeld. Snellere elektrisch ondersteunde fietsen worden vaak afzonderlijk als speedpedelec geclassificeerd.
72. Vierwieler
Een vierwieler is een motorvoertuig met vier wielen dat tot een voertuigcategorie onder of naast de gewone personenauto behoort. Vierwielers kunnen zijn ontworpen voor personenvervoer, goederenvervoer of recreatief gebruik en kunnen worden aangedreven door een verbrandingsmotor of elektromotor.
De verkeerswetgeving maakt vaak onderscheid tussen lichte vierwielers, met relatief laag vermogen en lage maximale constructiesnelheid, en zwaardere of krachtigere vierwielers. Rijbewijs-, helm-, registratie-, verzekerings- en toegangsvereisten hangen af van de juridische voertuigclassificatie en de lokale verkeersvoorschriften.
73. Microcar
Een microcar is een zeer klein motorvoertuig dat vooral is ontworpen voor korte afstanden en stedelijk verkeer. Het heeft meestal een gesloten passagiersruimte, vier wielen en plaats voor één of twee personen, al verschillen ontwerp en juridische classificatie.
Veel microcars worden juridisch geclassificeerd als lichte vierwielers en niet als gewone personenauto's. Krachtigere of snellere modellen kunnen in een zwaardere vierwieler- of personenautocategorie vallen. Het toepasselijke rijbewijs, de minimumleeftijd, registratie, verzekering, maximumsnelheid en wegtoegang hangen daarom af van de officiële juridische classificatie van het voertuig.
74. Terreinvoertuig
Een terreinvoertuig (ATV) is een motorvoertuig dat is ontworpen om over ruw of oneffen terrein te rijden en in sommige gevallen ook over gewone wegen. ATV's hebben vaak vier wielen, brede banden en een compacte carrosserie en worden gebruikt voor recreatie, landbouw, bosbouw of andere activiteiten buiten de weg.
Of een ATV op de openbare weg mag worden gebruikt hangt af van de voertuigclassificatie, registratie, uitrusting en lokale verkeerswetgeving. Sommige ATV's zijn goedgekeurd voor weggebruik, terwijl andere uitsluitend voor gebruik buiten de openbare weg zijn bedoeld.
75. Bestelwagen
Een bestelwagen is een motorvoertuig met een gesloten carrosserie dat vaak wordt gebruikt om goederen, uitrusting of passagiers te vervoeren. Bestelwagens variëren van kleine bestelvoertuigen tot grotere bedrijfsvoertuigen en kunnen laadruimte, passagierszitplaatsen of een combinatie van beide hebben.
Omdat bestelwagens sterk verschillen in grootte, gewicht en gebruiksdoel, kunnen afhankelijk van de classificatie in elk land verschillende rijbewijs-, snelheids-, parkeer- of toegangsregels gelden.

Verkeersregels
Argentinië