VerkeersregelsRusland

Leer verkeersregels met duidelijke uitleg en visuele voorbeelden in ons geïllustreerde boek, ontworpen om studeren eenvoudig en boeiend te maken.


1 Rusland 2 Autosnelweg 3 Woongebied 4 Zone 5 Snelheidslimiet 6 Voetpad 7 Fietspad 8 Brug 9 Verkeersdrempel 10 Eenrichtingsverkeer 11 Busstrook 12 Bushalte 13 Stopbord 14 Voorrang verlenen 15 Rotonde 16 Voorrangsweg 17 Voorrang op tegemoetkomend verkeer 18 Voorrang verlenen aan tegemoetkomend verkeer 19 Voetgangersoversteekplaats 20 Spoorwegovergang 21 Verplichte rijrichting 22 Schoolomgeving 23 Inhalen 24 Overstekende dieren 25 Glad wegdek 26 Bocht 27 Spookrijden 28 Wegwerkzaamheden 29 Hoogtebeperking 30 Verkeerslichten 31 Voetgangerslichten 32 Wegmarkeringen 33 Rijbewijs 34 Locatiemarkering 35 Aftelbakens 36 Noodtelefoon 37 Parkeren 38 Stilstaan verboden 39 Parkeren voor personen met een handicap 40 Achteruitrijden 41 Wegdek 42 Voorlopig rijbewijs 43 Nooduitgang 44 Grens van de bebouwde kom 45 Toeristische attractie 46 Claxon 47 Kentekenplaat 48 Laadstation 49 Fietser 50 Bromfiets 51 Motorfiets 52 Bus 53 Politie 54 Ambulance 55 Taxi 56 Kuil 57 Pad 58 Fijnstof 59 Luchtverontreiniging 60 Kruispunt 61 Spitsuur 62 Verkeersreglement 63 Straatgoot 64 Bakfiets 65 Bosbouwvoertuig 66 Bouwvoertuig 67 Trekker met oplegger 68 Trolleybus 69 Speedpedelec 70 Bezorgvoertuig 71 Stationair draaien 72 Takelwagen 73 Vierwielaandrijving 74 Fiets 75 Motorfietsuitrusting 76 Tram 77 Trein 78 Spoor 79 Caravan 80 Aanhangwagen 81 Trekhaak 82 Brandweerwagen 83 Sirene 84 Konvooi 85 Waarschuwingslichten van hulpdiensten 86 Landbouwmachines 87 Elektrische fiets 88 Elektrisch voertuig 89 Pedelec 90 Vierwieler 91 Microcar 92 Terreinvoertuig 93 Bestelwagen 94 Recreatievoertuig 95 Scooter 96 Trikke 97 Persoonlijk mobiliteitsmiddel 98 Skateboard 99 Segway 100 Step ...

1. Rusland

Rusland strekt zich uit over Oost-Europa en Noord-Azië en door zijn enorme omvang zijn langeafstandsritten een kenmerkend onderdeel van het verkeer. Het verkeer rijdt rechts. Wegen variëren van dichte stedelijke netwerken rond grote steden tot federale hoofdwegen door dunbevolkte regio's waar brandstof, diensten en nederzettingen ver uit elkaar kunnen liggen. Russisch is de belangrijkste taal op verkeersborden en bestemmingen en andere geschreven informatie worden doorgaans in het Cyrillische alfabet weergegeven; voorbereiding is daarom nuttig wanneer u dit schrift niet kunt lezen.

Seizoensomstandigheden zijn bijzonder belangrijk. Personenauto's moeten in december, januari en februari winterbanden gebruiken en hevige sneeuw, ijs en extreme kou kunnen in veel regio's veel langer invloed op de wegen hebben. Rusland heeft zowel gratis als tolwegen voor snel verkeer, waaronder delen van de M-4, M-11 en M-12, maar er is geen landelijk vignet voor personenauto's. Een ander opvallend verschil met een groot deel van Europa is de algemene stedelijke snelheidslimiet van 60 km/h; op autosnelwegen bedraagt het normale maximum 110 km/h, hoewel geschikte aangeduide gedeelten tot 130 km/h kunnen toestaan.

AI
Aan welke kant van de weg rijdt u in Rusland?

Rijd aan de rechterkant van de weg en haal normaal in aan de linkerkant.

Wat is het noodnummer in Rusland?

Bel 112 voor noodhulp. Via dit nummer bereikt u hulpdiensten zoals politie, ambulance en brandweer- en reddingsdiensten.

Wat is de alcohollimiet voor autorijden in Rusland?

Rijden onder invloed is verboden. Voor handhaving wordt alcoholintoxicatie vastgesteld boven 0,16 mg alcohol per liter uitgeademde lucht of bij 0,3 g/l of meer in het bloed. Deze drempels houden rekening met meetcriteria en mogen niet worden beschouwd als een veilige hoeveelheid alcohol om vóór het rijden te drinken.

Wat is de snelheidslimiet binnen de bebouwde kom in Rusland?

De algemene maximumsnelheid binnen de bebouwde kom bedraagt 60 km/h, tenzij verkeersborden een andere limiet vaststellen. Op geschikte aangegeven wegen kunnen hogere limieten worden toegestaan.

Wat is de snelheidslimiet buiten de bebouwde kom in Rusland?

Voor gewone personenauto's bedraagt het algemene maximum buiten de bebouwde kom 90 km/h, tenzij wettelijk of met verkeersborden een andere limiet is vastgesteld.

Wat is de maximumsnelheid op autosnelwegen in Rusland?

Voor gewone personenauto's bedraagt de algemene maximumsnelheid op autosnelwegen 110 km/h. Op geschikte autosnelwegtrajecten kan de wegbeheerder een hogere aangegeven limiet tot 130 km/h vaststellen.

Wat is de snelheidslimiet in woongebieden in Rusland?

De maximumsnelheid in woonzones, fietszones en binnenplaatsen bedraagt 20 km/h.

Welke voertuigen zijn verboden op Russische autosnelwegen?

Autosnelwegen zijn verboden voor voetgangers, fietsen, bromfietsen, tractoren, zelfrijdende machines en bepaalde andere langzame weggebruikers. Voertuigen die door hun technische kenmerken of toestand beperkt zijn tot minder dan 40 km/h zijn eveneens verboden.

Hebt u een autosnelwegvignet nodig in Rusland?

Nee. Rusland gebruikt geen landelijk autosnelwegvignet voor personenauto's. In plaats daarvan wordt op bepaalde autosnelwegen en wegtrajecten tol geheven, waarbij de betaling afhangt van de route en het tolsysteem.

Zijn er tolwegen in Rusland?

Ja. Rusland heeft een uitgebreid netwerk van toltrajecten, waaronder delen van routes zoals de M-4 Don, M-11 Neva en M-12 Vostok. Bestuurders moeten vóór vertrek de actuele route en tarieven controleren.

Moet u overdag verlichting gebruiken in Rusland?

Ja. Overdag moeten rijdende motorvoertuigen dimlichten of dagrijlichten gebruiken.

Zijn winterbanden verplicht in Rusland?

Ja. Personenauto's van categorie M1 en lichte goederenvoertuigen van categorie N1 moeten in december, januari en februari winterbanden gebruiken. Winterbanden moeten op alle wielen zijn gemonteerd.

Mogen winterbanden met spikes het hele jaar worden gebruikt in Rusland?

Nee. Banden met antislipspikes mogen niet worden gebruikt in juni, juli of augustus. Voor winterbanden zonder spikes gelden andere regels, maar bestuurders moeten altijd banden gebruiken die geschikt zijn voor de werkelijke weers- en wegomstandigheden.

Zijn veiligheidsgordels verplicht in Rusland?

Ja. Bestuurders en passagiers moeten veiligheidsgordels gebruiken wanneer het voertuig ermee is uitgerust.

Wanneer moeten kinderen een kinderbeveiligingssysteem gebruiken in Rusland?

Kinderen jonger dan 7 jaar moeten een geschikt kinderbeveiligingssysteem gebruiken. Kinderen van 7 tot en met 11 jaar mogen op de achterbank een geschikt kinderbeveiligingssysteem of de veiligheidsgordel van het voertuig gebruiken, maar op de voorstoel moeten zij een geschikt kinderbeveiligingssysteem gebruiken.

Mag in Rusland een gordeladapter worden gebruikt in plaats van een kinderzitje?

Niet als vervanging voor een goedgekeurd kinderbeveiligingssysteem. Sinds 1 september 2025 verduidelijken de regels uitdrukkelijk dat riemen, flexibele elementen met gespen, gordeladapters, clips, gordelpads en vergelijkbare voorwerpen niet als kinderbeveiligingssystemen worden beschouwd.

Mag een jong kind alleen in een geparkeerde auto worden achtergelaten in Rusland?

Een kind jonger dan 7 jaar mag niet zonder een aanwezige volwassene in een geparkeerd voertuig worden achtergelaten.

Zijn motorhelmen verplicht in Rusland?

Ja. Een motorrijder moet een vastgemaakte motorhelm dragen en mag geen passagier meenemen die geen vastgemaakte helm draagt.

Mag u tijdens het rijden een mobiele telefoon gebruiken in Rusland?

Een bestuurder mag tijdens het rijden geen telefoon gebruiken, tenzij dit mogelijk is met een handsfreesysteem waarbij de telefoon niet hoeft te worden vastgehouden.

Geldt voorrang van rechts in Rusland?

Ja. Op een kruispunt van gelijkwaardige wegen moet een bestuurder van een niet-railvoertuig normaal voorrang verlenen aan voertuigen die van rechts komen.

Wie heeft voorrang op een rotonde in Rusland?

De voorrang hangt af van de verkeersborden bij de toerit. Wanneer u een aangeduide rotonde oprijdt vanaf een weg die niet de hoofdweg is, moet u voorrang verlenen aan voertuigen die al op de rotonde rijden. Als de toerit als hoofdweg is aangeduid, moet u de toepasselijke voorrangsborden volgen en er niet van uitgaan dat verkeer op de rotonde altijd voorrang heeft.

Hebben voetgangers voorrang op oversteekplaatsen in Rusland?

Bij een ongeregelde voetgangersoversteekplaats moeten bestuurders voorrang verlenen aan voetgangers die oversteken of de rijbaan hebben betreden om over te steken.

Wat betekent een oranje verkeerslicht in Rusland?

Een continu oranje licht verbiedt normaal het verkeer en waarschuwt dat het signaal verandert. Een bestuurder die niet op de vereiste plaats kan stoppen zonder een noodremming, mag in de door de verkeersregels toegestane omstandigheden doorrijden.

Wat moet u doen na een noodstop of ongeval in Rusland?

Gebruik waar vereist de alarmlichten en plaats een gevarendriehoek ver genoeg om naderend verkeer te waarschuwen. De driehoek moet minstens 15 m van het voertuig binnen de bebouwde kom en 30 m buiten de bebouwde kom staan.

Wanneer moet in Rusland een reflecterend vest worden gedragen?

Na een gedwongen stop of verkeersongeval buiten de bebouwde kom 's nachts of bij beperkt zicht moet een bestuurder die zich op de rijbaan of berm bevindt een geschikt reflecterend jack, vest of vestcape dragen.

Gelden er bijzondere regels voor beginnende bestuurders in Rusland?

Ja. Bestuurders die de betreffende rijbevoegdheid minder dan twee jaar bezitten moeten normaal het gele herkenningsteken 'Beginnende bestuurder' op de toepasselijke voertuigen tonen. Zij mogen ook geen ander motorvoertuig slepen, en voor het vervoeren van passagiers op motorfietsen en bromfietsen gelden afzonderlijke eisen van twee jaar rijervaring.

2. Autosnelweg

Een autosnelweg is een weg die speciaal is ontworpen en aangeduid voor motorverkeer. Autosnelwegen hebben normaal gescheiden rijbanen voor verkeer in tegengestelde richtingen, gecontroleerde toegang via aangewezen op- en afritten, geen rechtstreekse toegang tot aangrenzende eigendommen en geen gelijkvloerse kruisingen met andere wegen, spoorwegen of paden.

Op autosnelwegen gelden bijzondere verkeersregels. De toegelaten weggebruikers, snelheidslimieten, rijstrookregels, tolheffing en noodprocedures verschillen per land, zodat bestuurders de lokale verkeersborden en regels moeten volgen.

Autosnelweg

3. Woongebied

Een woongebied is een straat of groep straten waar wonen en toegang tot lokale eigendommen de belangrijkste functies zijn. Bestuurders moeten rekening houden met voetgangers, fietsers, kinderen, geparkeerde voertuigen en voertuigen die opritten in- of uitrijden.

Sommige landen duiden bepaalde woongebieden met verkeersborden aan en passen bijzondere lage-snelheids- of gedeelde-ruimteregels toe. De snelheidslimiet, rechten van voetgangers, parkeerregels en toegelaten weggebruikers hangen daarom af van lokale verkeersborden en voorschriften.

4. Zone

Een verkeerszone is een gebied waarin een verkeersregel geldt op alle wegen of weggedeelten die tot de zone behoren. De regel begint normaal bij een zonebord aan de ingang en blijft gelden totdat het bijbehorende eindezonebord wordt voorbijgereden.

Zones kunnen snelheid, parkeren, toegang, voertuigcategorieën, emissies of ander verkeersgedrag regelen. Welke borden worden gebruikt, welke wegen onder de zone vallen en welke gevolgen kruispunten of lokale uitzonderingen hebben, hangt af van de lokale verkeerswetgeving.

Zone

5. Snelheidslimiet

Een snelheidslimiet is de hoogste wettelijk toegestane snelheid op een weg, rijstrook of binnen een afgebakend gebied. Ze kan worden vastgesteld door algemene verkeersregels of worden aangegeven met vaste, variabele of tijdelijke verkeersborden.

Een snelheidslimiet is een maximum, geen streefsnelheid. Bestuurders moeten langzamer rijden wanneer verkeer, zicht, weer, wegomstandigheden, kwetsbare weggebruikers of de toestand van het voertuig de maximaal toegestane snelheid onveilig maken.

Snelheidslimiet

6. Voetpad

Een voetpad is een pad of deel van een weg dat hoofdzakelijk bestemd is voor voetgangersverkeer. Het kan langs een weg lopen, door een park of woongebied voeren of volledig losliggen van wegen die door motorvoertuigen worden gebruikt.

Een voetpad kan uitsluitend voor voetgangers zijn voorbehouden of deel uitmaken van een gedeelde route met fietsers of andere toegelaten gebruikers. Toegang, voorrang en toegelaten gebruikers hangen af van de verkeersborden en lokale regels die voor het pad gelden.

Voetpad

7. Fietspad

Een fietspad is een deel van een weg of een afzonderlijke route die hoofdzakelijk of uitsluitend bedoeld is voor mensen die fietsen. Het kan fysiek van het motorverkeer zijn gescheiden, op het wegdek zijn gemarkeerd of met verkeersborden zijn aangeduid.

Fietspaden kunnen eenrichtings- of tweerichtingsverkeer hebben of met andere weggebruikers worden gedeeld. De toegelaten gebruikers, rijrichting, voorrangsregels en verplichting om het pad te gebruiken hangen af van de lokale verkeersborden en regelgeving.

Fietspad

8. Brug

Een brug is een constructie die een weg, pad of spoorweg over een hindernis voert, zoals een rivier, vallei, spoorlijn of andere weg. Een verkeersbrug kan één of meer rijbanen bevatten, samen met voorzieningen voor voetgangers of fietsers.

Bestuurders moeten alle snelheids-, gewichts-, hoogte-, breedte- of voertuigtoegangsbeperkingen naleven die voor de brug gelden. Extra voorzichtigheid kan nodig zijn op smalle, blootgestelde of beweegbare bruggen en wanneer weersomstandigheden zoals wind, regen of ijs het wegdek beïnvloeden.

Brug

9. Verkeersdrempel

Een verkeersdrempel is een verhoogde verkeersremmende inrichting die over de volledige of een deel van de weg is aangebracht om bestuurders hun snelheid te laten verminderen. Ze wordt vaak gebruikt nabij woningen, scholen, oversteekplaatsen, parkeerterreinen en andere plaatsen waar lage voertuigsnelheden belangrijk zijn.

Verkeersdrempels verschillen in vorm, hoogte en juridische status. Bestuurders moeten ze met een lage, gecontroleerde snelheid naderen en alle toepasselijke waarschuwingsborden of snelheidslimieten volgen.

Verkeersdrempel

10. Eenrichtingsverkeer

Eenrichtingsverkeer betekent dat voertuigen op een weg of rijbaan slechts in één aangeduide richting mogen rijden. De toegestane richting wordt normaal aangegeven met verkeersborden, rijstrookpijlen of wegmarkeringen.

Sommige weggebruikers, zoals fietsers of voertuigen van het openbaar vervoer, mogen in de tegenovergestelde richting rijden wanneer verkeersborden dit uitdrukkelijk toestaan. Een eenrichtingsweg bepaalt op zichzelf niet de snelheidslimiet, voorrang of parkeerregels.

Eenrichtingsverkeer

11. Busstrook

Een busstrook is een rijstrook die in de eerste plaats is voorbehouden voor bussen of andere toegelaten voertuigen van het openbaar vervoer. Afhankelijk van de lokale regels kunnen ook taxi’s, fietsers, motorfietsen of andere aangeduide voertuigcategorieën er gebruik van maken.

Busstroken worden aangeduid met verkeersborden, wegmarkeringen, gekleurd wegdek of opschriften op de rijbaan. Bestuurders die de strook niet mogen gebruiken, mogen ze alleen oprijden of kruisen waar de lokale verkeersregels dit toestaan, bijvoorbeeld om af te slaan of een eigendom te bereiken.

Busstrook

12. Bushalte

Een bushalte is een aangeduide plaats waar bussen stoppen om passagiers te laten instappen of uitstappen. Ze kan worden aangegeven door een verkeersbord, schuilhuisje, verhoogd perron, wegmarkering of andere infrastructuur voor openbaar vervoer en kan langs de weg of in een speciaal aangelegde halteplaats liggen.

Bestuurders die een bushalte naderen, moeten goed letten op bussen, voetgangers en passagiers die de rijbaan oversteken of betreden. Rond bushaltes kunnen parkeer- of stilstandsbeperkingen gelden om de halte bereikbaar en goed zichtbaar te houden.

Bushalte

13. Stopbord

Een stopbord verplicht bestuurders om hun voertuig volledig tot stilstand te brengen en voorrang te verlenen voordat zij de weg voor hen oprijden of kruisen. Er moet worden gestopt aan de stopstreep of op een andere wettelijk voorgeschreven plaats.

Na het stoppen mag de bestuurder alleen verderrijden wanneer dit veilig kan en zonder het verkeer dat voorrang heeft te hinderen. Door te stoppen krijgt de bestuurder zelf geen voorrang.

Stopbord

14. Voorrang verlenen

Een bord voor voorrang verlenen verplicht bestuurders om verkeer met voorrang eerst te laten doorgaan voordat zij een weg oprijden, kruisen of invoegen. Bestuurders moeten snelheid verminderen, naderend verkeer observeren en indien nodig stoppen.

In tegenstelling tot een stopbord verplicht een bord voor voorrang verlenen niet altijd tot volledig stoppen. De bestuurder mag alleen zonder te stoppen doorrijden wanneer de route duidelijk veilig is en geen weggebruiker met voorrang wordt gedwongen snelheid of richting te veranderen.

Voorrang verlenen

15. Rotonde

Een rotonde is een cirkelvormige weginrichting waar verkeer in één aangeduide richting rond een centraal eiland rijdt. Voertuigen rijden de rotonde op en verlaten deze via aansluitende wegen, en verkeersborden of plaatselijke regels bepalen wie voorrang heeft.

Bestuurders moeten snelheid verminderen, een geschikte rijstrook kiezen, alle weggebruikers observeren en waar vereist richting aangeven bij het verlaten. De rijrichting, voorrang bij het oprijden, het rijstrookgebruik en de regels voor fietsers en voetgangers hangen af van plaatselijke verkeersborden en regels.

Rotonde

16. Voorrangsweg

Een voorrangsweg is een weg waarop het verkeer voorrang heeft op verkeer dat vanuit kruisende zijwegen oprijdt. Ze wordt normaal aangeduid met een bord voorrangsweg, terwijl een eindebord aangeeft waar die doorgaande voorrangsstatus eindigt.

Bestuurders op een voorrangsweg moeten nog steeds verkeerslichten, bevoegde personen, snelheidslimieten, oversteekplaatsen en afslagregels naleven. Voorrang hebben betekent nooit dat een bestuurder mag doorrijden wanneer dit gevaar zou veroorzaken of een kruispunt zou blokkeren.

Voorrangsweg

17. Voorrang op tegemoetkomend verkeer

Voorrang op tegemoetkomend verkeer betekent dat bestuurders die in één richting rijden op een smal weggedeelte voorrang hebben op bestuurders die uit de tegenovergestelde richting komen. De regel wordt normaal aangeduid met een voorrangsbord in de ene richting en een overeenkomstig bord voorrang verlenen in de andere richting.

Bestuurders met voorrang moeten nog steeds voorzichtig naderen en mogen zich niet door de doorgang forceren wanneer deze geblokkeerd of al bezet is. De borden regelen de voorrang door het smalle gedeelte, niet de snelheid, het parkeren of de voorrang op nabijgelegen kruispunten.

Voorrang op tegemoetkomend verkeer

18. Voorrang verlenen aan tegemoetkomend verkeer

Voorrang verlenen aan tegemoetkomend verkeer betekent dat bestuurders voertuigen die uit de tegenovergestelde richting komen als eerste door een smal weggedeelte moeten laten rijden. De regel wordt normaal aangeduid met een bord voor de richting die voorrang moet verlenen en een overeenkomstig voorrangsbord voor het tegemoetkomende verkeer.

Bestuurders moeten snelheid verminderen en zo nodig stoppen voordat zij de smalle doorgang oprijden. Zij mogen alleen verderrijden wanneer dit veilig kan en zonder tegemoetkomend verkeer met voorrang te hinderen.

Voorrang verlenen aan tegemoetkomend verkeer

19. Voetgangersoversteekplaats

Een voetgangersoversteekplaats is een aangewezen plaats waar voetgangers een weg kunnen oversteken. Ze wordt doorgaans aangeduid met wegmarkeringen, verkeersborden, verkeerslichten of een combinatie daarvan.

Bestuurders moeten met de nodige voorzichtigheid naderen en voorrang verlenen wanneer de plaatselijke wetgeving dat vereist. Voetgangers moeten ook op naderend verkeer letten en eventuele voetgangerslichten of aanwijzingen van bevoegde verkeersregelaars opvolgen.

Voetgangersoversteekplaats

20. Spoorwegovergang

Een spoorwegovergang, ook wel overweg genoemd, is een plaats waar een weg of pad spoorlijnen op hetzelfde niveau kruist. De overweg kan beveiligd zijn met slagbomen, waarschuwingslichten, bellen, verkeersborden of een combinatie van deze voorzieningen.

Weggebruikers moeten voorzichtig naderen en mogen de overweg nooit oprijden wanneer een trein nadert, waarschuwingssignalen actief zijn of de uitrit geblokkeerd is. Steek vlot over en stop of wacht nooit op de sporen en zorg dat u er niet vast komt te staan.

21. Verplichte rijrichting

Een bord met verplichte rijrichting verplicht bestuurders om uitsluitend in de richting of een van de richtingen te rijden die door de pijl of pijlen wordt aangegeven. Het kan verkeer verplichten rechtdoor te rijden, af te slaan of een hindernis langs een bepaalde zijde voorbij te rijden.

Het bord bepaalt op zichzelf geen voorrang of snelheid. Bestuurders moeten nog steeds de juiste rijstrook gebruiken, waar nodig richting aangeven en voorrang verlenen volgens de plaatselijke verkeersborden en verkeersregels.

22. Schoolomgeving

Een schoolomgeving is een weg of een groep wegen nabij een school waar grote aantallen kinderen kunnen lopen, fietsen, oversteken of in- en uitstappen. Ze kan worden aangeduid met waarschuwingsborden, zoneborden, wegmarkeringen, verkeersremmende maatregelen of knipperlichten.

Bijzondere snelheidslimieten, parkeerbeperkingen of toegangsregels kunnen permanent gelden of alleen tijdens de aankomst- en vertrektijden van de school. Bestuurders moeten snelheid verminderen, extra goed op kinderen letten en bereid zijn te stoppen.

23. Inhalen

Inhalen is het voorbijrijden van een andere weggebruiker die in dezelfde richting rijdt. Dit houdt normaal in dat u naar een andere positie of rijstrook gaat, de tragere weggebruiker voorbijrijdt en terugkeert naar de juiste positie wanneer dat veilig is.

Voordat een bestuurder inhaalt, moet hij controleren of er voldoende zicht en ruimte is, spiegels en dode hoeken controleren, richting aangeven wanneer dat vereist is en nagaan of geen andere weggebruiker al aan het inhalen is. De manoeuvre moet worden voltooid zonder de snelheidslimiet te overschrijden of andere weggebruikers in gevaar te brengen.

Inhalen

24. Overstekende dieren

Een waarschuwing voor overstekende dieren duidt een plaats of wegvak aan waar wilde dieren, vee of bereden dieren de weg kunnen oprijden of oversteken. Dieren kunnen plots verschijnen, zich onvoorspelbaar bewegen of moeilijk zichtbaar zijn in het donker, tussen begroeiing of bij slecht weer.

Bestuurders moeten hun snelheid verlagen, beide kanten van de weg observeren en klaar zijn om te stoppen. Het waarschuwingsbord geeft dieren op zichzelf geen voorrang en legt geen numerieke snelheidslimiet op, maar bestuurders moeten vermijden dieren te laten schrikken, in gevaar te brengen of aan te rijden.

25. Glad wegdek

Een glad wegdek heeft minder grip voor de banden, waardoor sturen, remmen en accelereren minder doeltreffend kunnen zijn. Wegen kunnen glad worden door regen, ijs, sneeuw, modder, olie, los materiaal of andere stoffen op het wegdek. Bestuurders moeten hun snelheid verlagen, meer volgafstand houden en plotseling sturen, remmen of accelereren vermijden. Extra voorzichtigheid is nodig in bochten, op bruggen en overal waar het wegdek onverwacht verandert.

Glad wegdek